Medische Encyclopedie
Inhoud
- Wat is astma?
- Wat kan ik zelf doen?
- Wat kan de apotheker voor mij doen?
- In welke gevallen kan ik beter naar de huisarts gaan?
- Welke medicijnen worden gebruikt bij
Astma
Wat is astma?
Bij astma zijn de buisjes in je longen extra gevoelig. Bijvoorbeeld voor stof, dieren, rook of griep. Dit zijn prikkels.
Door die prikkels raken de buisjes ontstoken. Ze worden dik en er komt meer slijm. Je kunt dan moeilijker ademen en gaan hoesten.
Meestal begint astma als je kind bent. Je hebt dan vaak ook een allergie, bijvoorbeeld voor huisstofmijt of pollen. Ook kunnen meer mensen in je familie astma hebben.
Je kunt astma ook later krijgen. Soms pas als je 50 jaar of ouder bent.
Astma gaat niet meer over. Wel is astma vaak goed te behandelen met medicijnen. Ook gezond leven is erg belangrijk.
Als je astma hebt, worden je longen geprikkeld. Bijvoorbeeld door stof, dieren, rook of griep. Meestal merk je dat meteen. Soms pas na uren. Je krijgt dan meer last van je astma. Je voelt je bijvoorbeeld benauwd. Of je moet erg hoesten.
Je kunt je benauwd voelen door verschillende dingen. Bijvoorbeeld in huis, buiten of op het werk.
Dingen waar je allergisch voor kunt zijnIemand met astma kan allergisch zijn voor 1 of meer van deze dingen:
- huisstofmijt
- schilfers uit de vacht van huisdieren, zoals katten, honden, knaagdieren en paarden
- pollen van bomen, grassen of onkruid
- schimmels
Iemand met astma kan zich ook benauwd voelen door 1 of meer van deze dingen:
- verkoudheid of griep
- rook van sigaretten, e-sigaretten of een waterpijp
Ook als een ander in dezelfde ruimte rookt en jij niet. Dat heet meeroken. - kou
- mist
- fijne stofjes in de lucht, bijvoorbeeld van houtkachels of vuurwerk
- sterke lucht, bijvoorbeeld van parfum, verf of schoonmaak-middel
- bewegen en sporten
- stress
- medicijnen, bijvoorbeeld pijnstillers zoals NSAID’s
Wat kan ik zelf doen?
Gezond leven is erg belangrijk bij astma. Je hebt dan meestal minder last van je astma. Of een tijd helemaal geen last meer. Bij astma krijg je deze adviezen van je huisarts:
Stop met roken en rook inademenDoor rook krijg je meer en erger last van je astma. Ook als je zelf niet rookt en een ander wel. Stoppen met roken is bij astma extra belangrijk:
- Je hebt minder last van slijm en een benauwd gevoel.
- Je medicijnen werken beter.
- Je hebt minder of zelfs geen medicijnen meer nodig.
- Je zorgt dat de schade aan je longen niet erger wordt.
Kijk hier voor adviezen en hulp bij stoppen met roken.
Beweeg elke dagFit zijn helpt om makkelijker te ademen.
- Beweeg elke dag een half uur of meer. Ben je dit niet gewend? Begin met 10 minuten per dag. En beweeg steeds iets meer.
- Doe iets wat je leuk vindt. Bijvoorbeeld wandelen, fietsen of zwemmen.
- Is het koud buiten? Probeer door je neus te ademen. De lucht warmt in je neus al iets op. En prikkelt dan je longen minder.
Misschien voel je je vaak benauwd als je beweegt. Maak dan een afspraak met je huisarts of de praktijkondersteuner.
Kijk voor meer adviezen bij gezond bewegen.
Val af als je te zwaar bentTe zwaar zijn maakt de behandeling van astma moeilijker. Kijk bij adviezen om af te vallen. Lukt het je niet zelf om genoeg af te vallen? Maak dan een afspraak bij je huisarts of de praktijkondersteuner. Misschien kun je meedoen aan een leefstijl-programma.
Zo weinig mogelijk prikkels- Probeer niet in de buurt van prikkels te komen. Bijvoorbeeld: kom niet in een ruimte waar mensen roken.
- Bij een allergie voor huisstofmijt kun je zorgen voor minder huisstofmijt.
- Ben je allergisch voor een huisdier? Soms helpt het om het dier weg te doen. Wel blijven de schilfers uit de vacht nog een tijdje in huis. Na een paar maanden kun je merken of je minder last hebt van je astma.
- Heb je ook klachten als niezen of een dichte neus? Een behandeling hiervan kan ook je astma minder maken. Vraag je huisarts of de praktijkondersteuner om advies.
Gebruik je elke dag medicijnen tegen astma? Haal dan elk jaar de griepprik. Je krijgt hierover bericht van je huisarts.
In je persoonlijk actieplan staat hoe je merkt dat je meer last krijgt van je astma. En wat je dan moet doen. Zo zorg je dat je geen erge klachten krijgt. Dit is beter voor je longen.
Je actieplan maak je samen met je huisarts of de praktijkondersteuner. Dit kun je erin schrijven:
- Waar je meestal last van hebt.
- Hoe je merkt dat je meer last krijgt van je astma. Bijvoorbeeld: je hoest meer.
- Wat je moet doen als je meer last krijgt van je astma. Bijvoorbeeld: extra medicijnen gebruiken.
- Wanneer je je huisarts of de huisartsen-spoedpost moet bellen.
Bewaar je persoonlijk actieplan goed. En lees het af en toe.
Wat kan de apotheker voor mij doen?
Speciaal bij astma
- Inhalatie-instructie
Krijgt u voor het eerst medicijnen die u moet inhaleren? Dan kan de apotheker u een uitgebreide instructie geven hoe u het beste kunt inhaleren. Gebruikt u al langere tijd een inhalator? Dan kan uw apotheker met u nagaan of u nog steeds goed inhaleert.
- Keuze voor soort inhalator
De apotheker kan samen met u bekijken welke inhalator voor u het best is. Er zijn verschillende soorten inhalatoren. Welke voor u het best is, hangt af van hoe krachtig u kunt inademen en hoe goed uw coördinatie is tussen het indrukken van de verstuiver en het tegelijk langzaam inademen. Dit kan erg verschillen per levensfase. Kinderen en ouderen wisselen hierdoor vaak van type inhalator.
- Stoppen met roken
Roken kan uw astma verergeren. In de apotheek kunt u nicotinevervangende middelen kopen die u kunnen helpen bij het stoppen met roken. Uw apotheker kan u advies geven over het gebruik van deze middelen.
Roken kan ook de afbraak van bepaalde medicijnen versnellen. Als u stopt met roken, kan de hoeveelheid van die medicijnen in het bloed toenemen. Hierdoor kunnen ze sterker werken of bijwerkingen geven. U heeft dan een lagere dosering nodig. Geef het dus aan uw apotheker door als u stopt met roken. De apotheker kan dan controleren of de dosering van uw medicijn omlaag moet en dit doorgeven aan uw arts.
Uw apotheker zorgt ervoor dat u uw medicijnen goed en veilig kunt gebruiken. Het maakt niet uit of u een medicijn korte tijd of langdurig nodig heeft.
- Receptcontrole
De apotheker controleert elk recept. Bijvoorbeeld: is het juiste medicijn voorgeschreven en meegegeven, is de dosering goed, kan het medicijn samen met andere medicijnen die u gebruikt. Als het nodig is, overlegt uw apotheker met uw huisarts of specialist.
- Overzicht van uw medicijnen
Uw apotheker houdt bij welke medicijnen u gebruikt. U kunt in de apotheek altijd om een overzicht van uw medicijnen vragen. Dit kunt u bijvoorbeeld meenemen als u uw specialist bezoekt, in het ziekenhuis wordt opgenomen of naar het buitenland gaat.
- Delen van informatie over uw medicijnen met andere zorgverleners
Uw apotheker, huisarts en het ziekenhuis kunnen informatie over uw medicijnen met elkaar delen als dat nodig is voor uw behandeling. Dit mag alleen als U daar toestemming voor geeft.
- Begeleiding bij nieuwe geneesmiddelen
Krijgt u een medicijn dat u in de afgelopen 12 maanden niet hebt gebruikt? Dan krijgt u extra uitleg over deze medicijnen.
- Ondersteuning als u uw medicijnen weleens vergeet in te nemen
De apotheker heeft daar hulpmiddelen voor. Als uw zorgverzekeraar toestemming geeft, kan uw apotheker uw medicijnen per dag en per tijdstip van inname in aparte zakjes voor u laten verpakken.
- Persoonlijk gesprek over uw medicijnen
Heeft u vragen over uw medicijnen, of problemen met het gebruik? Bijvoorbeeld moeite met slikken van medicijnen, openmaken van de verpakking, of last van een vervelende bijwerking? Vraag uw apotheker om een persoonlijk gesprek. Hij kijkt dan samen met u welke mogelijkheden er zijn om uw probleem te verhelpen.
- Medicatiebeoordeling
Uw apotheker en huisarts kunnen u uitnodigen voor een gesprek over uw medicijnen. Dit is mogelijk bij patiënten ouder dan 65 jaar die langdurig meer dan 5 medicijnen gebruiken. Samen met u bespreken ze of er verbetering mogelijk is. Als u bijvoorbeeld last hebt van bijwerkingen van een medicijn kan het soms vervangen worden door een ander medicijn.
- Zelfzorg
Bij de apotheek kunt u terecht voor advies over medicijnen die u zonder recept (= zelfzorgmedicijnen) kunt kopen, voor verbandmiddelen en cosmetica. De apotheek kan zelfzorgmedicijnen voor u opnemen in uw medicatiedossier. Dan kan de apotheker controleren of u ze veilig samen met uw receptmedicijnen kunt gebruiken.
- Bezorgservice
Bent u moeilijk ter been? Informeer bij uw apotheek of zij uw medicijnen bij u thuis kunnen bezorgen.
In welke gevallen kan ik beter naar de huisarts gaan?
112: Iemand moet direct 112 bellen als je 1 of meer van deze dingen hebt:
- Je bent zo moe dat je bijna niet meer kunt ademen.
- Je reageert niet of bijna niet als iemand iets tegen je zegt.
- Je huid wordt blauw-paars.
Spoed: Bel direct je huisarts of de huisartsen-spoedpost bij 1 of meer van deze dingen:
- Je voelt je steeds benauwder en je medicijnen helpen niet.
- Je kunt moeilijk praten: een zin zeggen gaat bijna niet.
- Je ademt heel snel.
In 1 of meer van deze situaties maak je op werkdagen een afspraak met je huisarts:
- Je klachten worden niet minder.
- Je hebt problemen met je medicijnen. Het lukt bijvoorbeeld niet om ze regelmatig in te nemen. Of om de puffer goed te gebruiken.
- Je hebt vaker dan 2 keer per week een luchtweg-verwijder nodig.
- Je hebt ’s nachts last van je astma.
Neem je medicijnen mee als je naar je huisarts gaat. Vaak kijkt je huisarts hoe je de puffer gebruikt.
Welke medicijnen worden gebruikt bij
Luchtwegverwijders om te inhaleren
Luchtwegverwijders zijn middelen die de verkramping in de luchtwegen opheffen, zodat u weer makkelijker kunt ademen. Deze middelen moet u inhaleren.
- Kortwerkende luchtwegverwijders werken binnen enkele minuten en de werking houdt een paar uur aan. Ze zijn bedoeld om een acute aanval van benauwdheid te stoppen. Voorbeelden zijn ipratropium, salbutamol, terbutaline en de combinatie van ipratropium met fenoterol.
- Langwerkende luchtwegverwijders werken pas na ongeveer een kwartier en de werking houdt ongeveer een halve dag aan. Ze worden gebruikt door mensen die regelmatig last hebben van astma-aanvallen, om een aanval van benauwdheid te voorkomen. Voorbeelden zijn formoterol, glycopyrronium, indacaterol, salmeterol en tiotropium.
Luchtwegbeschermers om te inhaleren
Luchtwegbeschermers om te inhaleren zijn bijnierschorshormonen, ook wel corticosteroïden genoemd. Deze middelen werken ontstekingsremmend en beschermen de luchtwegen tegen prikkels die benauwdheid veroorzaken. Hierdoor zal de conditie van de longen verbeteren en zal het aantal aanvallen van benauwdheid afnemen. Voorbeelden zijn beclometason, budesonide, fluticason en mometason.
Bijnierschorshormonen
Bijnierschorshormonen, ofwel corticosteroïden, om in te nemen, worden gebruikt in de vorm van een stootkuur. Dit is een behandeling van enkele dagen tot twee weken bij een tijdelijke verergering van de astma. Voorbeelden zijn dexamethason, prednisolon en prednison. Soms wordt ook triamcinolonacetonide injectie gebruikt.
Montelukast
Montelukast beschermt de longen tegen prikkels die benauwdheid kunnen veroorzaken. Hierdoor worden ontstekingreacties en benauwdheid verminderd en voorkomen. De arts schrijft montelukast voor wanneer de behandeling met luchtwegbeschermers en kortwerkende luchtwegverwijders onvoldoende helpen.
Omalizumab
Omalizumab vermindert de kans dat stoffen vrijkomen die de luchtwegen laten samentrekken. Als u in contact komt met prikkels die de benauwdheid veroorzaken krijgt u zo minder snel een aanval. Het aantal aanvallen van benauwdheid neemt dus af.
Interleukineremmers als injecties
Artsen schrijven interleukineremmers voor bij niet-allergische vorm van astma (eosinofiel astma) als andere luchtwegverwijders en -beschermers onvoldoende helpen. Bij deze vorm van astma is het aantal afweecellen (eosinofielen) in het bloed te hoog. Interleukineremmers verlagen het aantal eosinofielen in het bloed en de longen. Hierdoor worden de ontstekingen minder en heeft u minder kans op een astma-aanval. Voorbeelden zijn benralizumab en mepolizumab.
Dupilumab
Dupilumab wordt gebruikt bij niet-allergische vorm van astma (eosinofiel astma) als andere luchtwegverwijders en -beschermers onvoldoende helpen. Dupilumab zorgt ervoor dat ontstekingscellen geen boodschappen kunnen doorgeven aan andere ontstekingscellen. Hierdoor worden de ontstekingen minder en heeft u minder kans op een astma-aanval.
Acetylcysteïne
Acetylcysteïne maakt het slijm dunner en dus minder taai en zorgt er hierdoor voor dat het slijm makkelijker is op te hoesten. Hierdoor voelt u zich minder benauwd.
Anti-allergiemiddelen van het cromonen-type
Anti-allergiemiddelen van het cromonen-type zijn middelen die voorkomen dat er in de luchtwegen stoffen vrijkomen die deze laten samentrekken. Hierdoor zal het aantal aanvallen van benauwdheid afnemen. Ze worden voornamelijk voorgeschreven bij allergische vormen van astma, wanneer behandeling met een luchtwegbeschermer van het corticosteroïd-type niet mogelijk is. Cromonen werken in het algemeen minder goed dan corticosteroïden. Een voorbeeld is cromoglicinezuur.
Anti-allergiemiddelen
Anti-allergiemiddelen, ook wel antihistaminica genoemd, blokkeren de werking van de stof ‘histamine` die vrijkomt bij een allergische reactie. Hierdoor wordt de reactie van het lichaam op stoffen waar u allergisch voor bent verminderd en kan een een nieuwe astma-aanval worden voorkomen. Deze middelen worden zelden gebruikt. Voorbeeld is ketotifen.
Theofylline
Theofylline is een luchtwegverwijder die niet wordt geïnhaleerd. Dit middel wordt nauwelijks meer gebruikt bij astma.